Oeigoeren uit Zeist vertellen met foto’s hun verhaal

Auteur
Stichting Europa Oost-Turkistan Educatie Centrum

De fototentoonstelling vond onlangs plaats  in het Nederlands centrum van de Oeigoeren aan de Van Reenenweg 163 in Zeist. De Oeigoeren deelden met deze tentoonstelling hun ervaringen over de verschrikkelijke mensenrechtenschendingen door het Chinese regime in de provincie Oost-Turkistan in het westen van China. 

China heeft de naam Xinjiang voor die provincie bedacht na de inname in 1949, maar de juiste naam is Oost-Turkistan. Meer dan 1 miljoen inwoners zitten opgesloten in kampen, waar zij gefolterd en gehersenspoeld worden. Feitelijk is de hele provincie voor alle inwoners door strenge repressies, dwangarbeid, intimidatie en het onbeperkt volgen door bewakingscamera’s, één groot concentratiekamp geworden. Het Nederlandse parlement heeft de genocide op de Oeigoeren erkend. 

De ouders van Selsebiel Sawut zijn in 2002 gevlucht naar Nederland. Haar vader dreigde opgesloten te worden omdat hij een opleiding tot imam volgde en met vrienden een stichting oprichtte voor een onafhankelijk Oost-Turkistan. 
‘Mijn ouders zijn gedwongen alle contacten met hun familie dus ook met hun broers en zussen te verbreken. Dat geldt dus ook voor mij. Ik heb mijn ooms en tantes nooit kunnen zien en ben nooit in Oost-Turkistan geweest. Toch mis ik mijn familie heel erg en hoop hun daar ooit te ontmoeten. Ik gun dat alle Oeigoerse mensen in Nederland en dat is voor mijn de reden dat ik opkom voor de Oeigoerse zaak.’

Abuqasim Abdulaziz is in 2001 naar Nederland gekomen. Naar het veilige Nederland. Maar is het hier wel zo veilig?
‘Wij voelen ons hier niet veilig. Wij kunnen altijd telefoontjes verwachten van de Chinese politie, waarbij ze ons intimideren en chanteren. Ze dreigen dan dat als we niet meewerken dit consequenties heeft voor onze familie. Dat overkwam mij ook. In 2015 werd ik gebeld door iemand van het Chinese regime met mijn vader op de achtergrond. Ik moest terugkeren naar Xinjiang. Ik weigerde. Mijn vader moest naar een heropvoedingskamp en terwijl hij nog kerngezond was, kreeg ik 6 maanden later het bericht dat hij was overleden. Ik kan sindsdien geen contact meer met mijn familie in Oost-Turkistan hebben. Ik ken een vrouw hier in Zeist die maandelijks gebeld wordt door China en gedwongen wordt informatie te geven over de Oeigoeren die zij hier kent. Zij heeft daarom alle contacten met de Oeigoeren verbroken.’


 

Oeigoerse fototentoonstelling